Einde militaire dienst. Zaterdag 10 juli 1954 afzwaaien.
Thuis ligt een door mijn vader uit het Wieringer Weekblad gescheurde advertentie, waarin leerling fotografen worden gevraagd.
Ik solliciteer bij fotodrukindustrie 'Van Leer' in Amsterdam en word aangenomen door de heer Wisdom(!).
Twee weken later moet ik examen doen voor het middenstandsdiploma. Zoals gewoonlijk is nog veel tijd nodig om uit te zoeken welke leerstof het beste duidelijk op mijn onderarmen geschreven kan worden.
Meneer Wisdom heeft daar alle begrip voor en vindt het goed dat ik pas over twee weken begin.

Bij Van Leer begint het al direct helemaal verkeerd als ik me veertien dagen later meld bij de heer Wisdom: "Wie ben jij?"
"Jo Misdom, meneer," en ik laat de aanstellingsbrief zien.
"M i s d o m?  Oh!  Nou, kom dan maar mee," en vervolgens lopen we de trappen op van een statig pand aan de Keizersgracht.
Op zolder doet Wisdom een deur open.
"Hebben jullie nog iemand nodig?  Nee? Jammer!"  
Volgende deur ... volgende deur ... volgende deur ...
We dalen vergeefs alle trappen af tot we in de kelder arriveren.
Daar staat niemand: "Nou, begin hier dan maar."

Beduusd kijk ik rond in een voorraadkamer, waar op houten stellingen duizenden ansichtkaarten liggen opgeslagen in een soort schoenendozen met aan de voorkant het voorbeeld geplakt.
Genummerde foto's, door diverse fotografen in den lande gemaakt, van honderden dorpspleintjes, kerken, watertorens, vergezichten, boeren en boerinnetjes bij de pomp. De bedoeling is dat ik daar bestellingen ga
inpakken van boekhandelaren uit Overschie, Lunteren, Schoorl,
Giethoorn en Waalwijk om er maar een paar te noemen.
Hoezo leerling fotograaf? De advertentie toch niet echt goed gelezen.
Na veertien dagen ben ik weg.
                                                  ---
<<<
<<<